Stekkersex en schietmachines

Ter jullie geruststelling: hij heeft niet lang geleden, de jongen van de Applestore. Ja, ik vroeg hem het hemd van het lijf én betrapte hem op het me verkopen-van-een-verkeerd-kabeltje én wilde alle doosjes even vasthouden én zelf nalezen of het waar was wat hij me zei, maar ik doe dat verdomd charmant. Dat pleit voor me. Heus.

Een Airport Express en het juiste kabeltje rijker, fietste ik in mijn witte nopjes naar huis. Er volledig van overtuigd dat ik dit aansluitklusje zelf ging klaren, startte ik mijn poging terwijl twee- en vierjarige om me heen dwarrelden (fout #1).

Ik ben een vrouw, ergo, ik volg gebruiksaanwijzingen: kabeltje hierin, kabeltje daarin, dingetje in stopcontact, duwen op knopje, groen lampje. Check, check, dubbelcheck. Waarom knippert míjn lampje oranje? Ik blader hoopvol naar pagina 32: “Wanneer het lampje oranje knippert”. (fout # 2, naar het me later pijnlijk duidelijk is geworden).

Voor kinderloze lezers: tegen vijven treedt er bij kleine kinderen een lichte bloedsuikerspiegeldaling op. Deze mama haastte zich naar de pannen en liet het oranje knipperende lampje voor wat het was, om een schamele twee uur later Handige Vriend schoorvoetend toestemming te geven er ‘eens naar te kijken’ (fout # 3: mijn eerste écht on-man-afhankelijke klus was hiermee jammerlijk mislukt en Handige Vriend noemt me tot in lengte van dagen “mevrouwtje-bladzijde-32”).

Mannen hebben dergelijke kabeltjeskennis érgens opgedaan. Ik besloot dat het geen schande was een college ‘kabeltjes en aanverwanten’ te volgen tijdens mijn eerste schreden op het hoe-word-ik-mijn-eigen-man-pad. Aldus ving Handige Vriend aan: In tegenstelling tot vrouwen, bij wie de ingang ook de uitgang is, hebben apparaten een aparte ‘in’ en ‘out’ . Hij gunde me tijdens het college een exclusieve en verhelderende kijk in de beleving der dingen van een man.

Conclusie: Sex. Het is pure platte sex. In aanmerking genomen dat mannen gemiddeld dertien keer per dag aan sex denken en vrouwen gemiddeld vijf keer, kan ik het die arme drommels niet kwalijk nemen dat ze zich bekwamen in het in- en uitsteken van fallusvormige stekkertjes in allerhande gaatjes. Kijk, en dit zijn tulpjes. Ha fijn, het gedoetje is niet geheel gespeend van romantiek: ik kreeg na de aansluitdaad toch maar mooi bloemen.

Na deze anti-kabeltjes-climax, raapte ik mijn gekwetste testosteron bij elkaar en begaf me met mijn nageslacht naar de kermis. Dat heeft de Kop-van-Jut geweten. De meneer van de schiettent was duidelijk ook van mij (n decolleté?) onder de indruk, aangezien ik twéé prijzen mocht uitkiezen. Maar niet nadat ik hem eerst had gevraagd om op het kapot te schieten papiertje “bladzijde 32” te schrijven.

3 thoughts on “Stekkersex en schietmachines

  1. Leren lopen doe je ook met vallen opstaan, leren hoe kabeltjes aan te sluiten ook. Wij mannen konden dat ook niet in één keer, al zit het natuurlijk in onze genen, kabeltjes goed aansluiten en dingen werkend maken.

    Wel lief dat je Handige Vriend ook zijn moment of fame gunde. Wij mannen zijn namelijk het allerbeste in Problemen Oplossen.

    (en laat het maar uit je krullerige haren om me ooit te herinneren aan een uitspraak die ook maar in de buurt komt van “wij mannen konden dat ook niet in één keer”, want dat heb ik natuurlijk nooit gezegd. Een beetje mijn eigen geslacht afvallen, wat denk je wel. 😉 )

  2. Mijn airportExpress heeft twee weken in de hoek gelegen waar ik hem had neergegooid… maar inmiddels met mijn mannenbrein :) het rare ding aan de praat gekregen op een Windows machine.
    en 13 x per dag maar? haha

Leave a Reply